Zondagavond met het bord op schoot Studio Sport kijken? Voor ruim 1 miljoen mensen in Nederland is dat de gewoonte. Maar het echte voetbal, dat heeft 's middags om half 3 plaatsgevonden bij jou om de hoek. Bij de amateurs!

1) Meer tijd om de bal aan te nemen

In de amateurvoetbal heb je meer tijd om de bal aan te nemen dan bij de profs. Dan kun je dus ook beter scoren. En harder!

2) Meer wind

Weg met overdekte stadions! Op het amateurvoetbalveld krijgt de wind vrij spel. En dat heeft alleen maar voordelen. 

3) De score is niet belangrijk

Al sta je met 6-1 achter, je blijft gewoon voetballen. Niks koppie laten hangen, terwijl de tegenstander de bal achterin rondtikt. Zodra je de bal hebt schiet je op doel!

4) Een voorzet is niet altijd een voorzet

Profvoetballers trainen de hele dag op passes en voorzetten. Zodat ze precies weten waar de bal komt zodra die hun voet verlaat. Je raadt het al: amateurs weten niet waar de bal terecht komt. 

5) Indrukwekkende solo's

De bal bij de middenlijn oppikken, de complete verdediging uitpingelen en scoren met een stifje. Wanneer zag je dat voor het laatst bij de profs? Bij de amateurs is het de normaalste zaak van de wereld. 

6) Een mooi doelpunt is normaal

Tien dik betaalde profs die bovenop je springen na een werelddoelpunt terwijl het hele stadion staat te springen? Wat is daar nou leuk aan? Na een wereldgoal loop je terug naar de middenlijn alsof er niks aan de hand is. Een echte held kijkt niet achter zich, als hij wegloopt van de explosie.

7) Amateurkeepers!

Keepers! Niks aan toe te voegen.